Auteur: Krist Plaizier Datum: 02-05-2019

Weer meer cliënten en een stabiele rentemarge voor ING

Vanochtend maakte ING, de grootste en meest internationale bank van de Benelux, de cijfers bekend over het eerste kwartaal. De cijfers waren minder dan over het eerste kwartaal van vorig jaar maar dit werd ook verwacht door de analisten. Vooral als gevolg van een grotere dotatie aan de stroppenpot kwam de winst lager uit. De bijdrage aan de stroppenpot groeide van 85 naar 207 miljoen euro. Dit was minder dan de 250 miljoen euro die analisten verwachtten maar dit kon niet voorkomen dat de nettowinst met 8,7% daalde van 1,22 miljard euro naar 1,12 miljard euro oftewel 0,29 euro per aandeel. Zowel de rente- als de provisie-inkomsten van de bank stegen met ruim 2%. De totale inkomsten stegen met 2,7% naar 4,58 miljard euro. De kosten namen echter ook toe. Over afgelopen kwartaal moest ING 60,9 eurocent uitgeven om een euro te verdienen. Dit is fors boven de doelstelling van 50 á 52 eurocent en komt vooral door de hogere uitgaven voor het verbeteren van het antiwitwasbeleid. Gemiddeld over de afgelopen 4 kwartalen verbeterde de kostenratio echter wel van 55,7% naar 55,0%. Hiermee blijft ING de meest efficiënte grote bank in Europa.

Rentemarge op peil

Zowel in de Verenigde Staten als in Europa daalde de rente flink gedurende het eerste kwartaal. Desondanks lukte het ING om het leningenboek met 8,7 miljard euro te laten groeien en kwam er netto 4,8 miljard euro aan nieuw spaargeld bij. Ook lukte het ING om de rentemarge stabiel te houden op 1,54%. Voorwaar een prima prestatie.

Ook in het eerste kwartaal kwam ING helaas weer negatief in de media, zoals met de onvoldoende aanpak van witwaspraktijken in Italië. Desondanks wist ING het aantal primaire cliënten (cliënten die meer dan 1 product afnemen) verder te laten groeien. Het klantenbestand groeide, vooral in Duitsland en Oostenrijk, gedurende het eerste kwartaal met 150.000 tot 12,6 miljoen primaire cliënten. Ook de kapitaalbuffer nam wederom toe. Ultimo 2018 bedroeg deze nog 14,5% maar per 1 april was deze verbeterd naar 14,7%. Over de gang van zaken in Italië en over de mogelijke interesse van ING voor het Duitse Commerzbank werden in het persbericht geen mededelingen gedaan. Het aandeel ING begon negatief aan de beursdag maar staat inmiddels lichtjes in de plus.

Royal Dutch Shell overtreft verwachtingen

Vanochtend kwam Shell met de kwartaalcijfers. De verwachtingen van analisten waren laag, immers andere grote oliebedrijven als Chevron en Exxon Mobil kwamen al eerder met teleurstellende cijfers naar buiten. De gemiddelde prijs van een vat Brentolie lag afgelopen kwartaal op 63 dollar. Een jaar geleden was dit nog 67 dollar. Toch lukte het Shell om de verwachtingen te overtreffen met een betere winst en kasstroom. Vooral door een mindere daling van de productie dan werd voorzien, bleef de winst per aandeel gelijk op 65 dollarcent waar analisten 55 dollarcent hadden voorspeld. De totale (CCS)winst zonder eenmalige items kwam wel lager uit op 5,43 miljard dollar (-1,6%) maar analisten verwachtten een sterkere daling tot 4,54 miljard dollar.

Ook bij de drie belangrijkste divisies was het resultaat beter dan verwacht. Bij Upstream (de winning van olie) bedroeg deze 1,73 miljard dollar (+11,2%, verwacht werd 1,5 miljard dollar). Integrated Gas (de LNG-activiteiten) deed het prima met 5,3% meer winst (2,57 miljard dollar waar 2,07 miljard dollar werd verwacht). En de divisie Downstream (raffinage en verkoop van olieproducten) scoorde een 3,2% hoger resultaat en kwam uit op 1,82 miljard dollar, ruim boven de verwachting van 1,57 miljard dollar.

De operationele vrije kasstroom bedroeg het afgelopen kwartaal 8,6 miljard dollar. Dit was een jaar geleden nog 9,5 miljard dollar. Toch is er nog voldoende cash ontvangen voor de inkoop van 2,75 miljard dollar aan eigen aandelen en om het kwartaaldividend op 47 dollarcent te houden. Shell herhaalde de eerder afgegeven outlook.

Beleggers waren blij met de beter dan verwachte resultaten en sloegen aandelen Royal Dutch Shell in. Het gevolg was een ruim 1% hogere koers op een lagere beurs in Amsterdam.