Auteur: Jan-willem Nijkamp  Datum: 26-11-2025

 

Aandelen zijn superieur

Staat de beurs hoog?

De AEX-index staat op het moment van dit schrijven op een stand van 935 punten. Een kleine maand geleden tikte de index intraday zijn hoogste stand ooit aan van 986 punten. De afgelopen maand verloor de index 5 procent aan waarde. Beleggers komen vaak met de vraag of ze nu wel moeten gaan beleggen. Aandelen zouden historisch erg duur zijn. De vanuit de VS opgelegde importheffingen kunnen de winstmarges onder druk zetten. De inflatie wil maar niet wijken. Gaat de Federal Reserve de rente wel verlagen? En niet te vergeten, is de AI-rally niet één grote luchtbel? Kortom, staat de beurs niet te hoog?

De AEX-index

Een antwoord op die vraag weten we pas achteraf. Om echter een goede indruk te kunnen krijgen kan een blik in de historie verhelderend werken. Daarvoor kan onze eigen AEX-index uitkomst bieden. De index zag het levenslicht op 4 maart 1983, destijds nog onder de naam EOE-index. EOE stond voor European Options Exchange. Sindsdien is de index een belangrijke graadmeter voor het algemene sentiment op de Nederlandse beurs en wordt deze gebruikt als indicator voor de prestaties van de Nederlandse aandelenmarkt.

Oud-Hollandsche namen

Bij de oprichting ging de index van start op 100 punten. Let wel, dat waren destijds nog guldens. Teruggerekend zou dat neerkomen op afgerond 45,38 euro. Bij de introductie bestond de index uit 13 bedrijven: ABN, Amro, Ahold, Akzo, Gist-Brocades, Heineken, Hoogovens, KLM, Koninklijke Olie, Nationale Nederlanden, Philips, Unilever en Nedlloyd. Stuk voor stuk mooie “oud-Hollandsche” namen. Sommige bedrijven fuseerden, anderen verdwenen. Er kwamen ook nieuwe noteringen bij. Inmiddels bestaat de index uit 30 fondsen.

Een koersexplosie

In de ruim 42 ½ jaar die erop volgden heeft de index een enorme koersexplosie ondergaan. Een belegger realiseert niet alleen koerswinst maar ontvangt ook jaarlijks dividenden. Het gezamenlijke rendement wordt gemeten door de AEX Herbeleggingsindex. Het rendement van deze index bedroeg sinds de start gemiddeld 10 procent per jaar. De achter ons liggende periode kende de beruchte oktobercrash van 1987, de dotcom-crash van 2000-2003, de kredietcrisis van 2008-2009 en de coronacrash van 2020 (een korte). Er kunnen zo nog een paar andere stevige correcties aan toegevoegd worden.

Ups en downs

Het gerealiseerde rendement over deze periode is dus niet gevolg van selectief winkelen in een mooie periode. Het is een goede afspiegeling van wat beleggers door de loop der tijd kunnen verwachten. Opgaande markten afgewisseld door stevige correcties. Belangrijk is echter dat de index na iedere koersval weer herstelde. Op de lange termijn was de richting opwaarts. Toen de index voor het eerst op 200 punten stond was dat hoog, inderdaad. Toch bereikte de index nadien de 300 punten. Dat was opnieuw hoog, maar kon niet verhinderen dat de index doorsteeg naar 400 punten, enzovoorts.

Aandelen zijn superieur

Een belegging in obligaties bleef hier fors bij achter. Over de afgelopen 10 jaar zou een belegger in obligaties niets verdiend hebben. Sparen? Over de afgelopen 10 jaar was het rendement op een spaarrekening verwaarloosbaar. Zeker afgezet tegen de gemiddelde inflatie van 2,25 procent over deze periode. U was er als belegger in obligaties of spaarder uiteindelijk bij ingeschoten. Een rendement van gemiddeld 10 procent op aandelen loont daarentegen wel. Gecorrigeerd voor de inflatie houdt je er nog steeds 7,75 procent van over.

Survivorship bias

Wel moet opgemerkt worden dat we als belegging in aandelen een index hebben genomen. In de realiteit zullen veel beleggers echter hebben geïnvesteerd in individuele aandelen of beleggingsfondsen. Wat is het verschil, zult u nu zeggen? Wel, een index heeft het voordeel van de survivorship bias. Dat is de neiging om de prestaties van bestaande aandelen of fondsen op de markt te beschouwen als een representatieve, alomvattende steekproef, zonder rekening te houden met de aandelen of fondsen die failliet zijn gegaan. 

Door-selecteren

Een index wordt immers continu ververst. Er worden nieuwe fondsen toegevoegd die de plaats innemen van oudere, minder courante of achterblijvende fondsen. Vergelijk het met een voetbalteam. Een toptrainer vervangt doorlopend zijn mindere spelers door nieuwe, betere spelers. Dat noemt men ook wel door-selecteren. Wanneer je dat lang volhoudt houdt je uiteindelijk een ijzersterk team over. Dat is precies wat er met een index gebeurt. Zo zijn nogal wat namen in de loop der tijd uit de index verdwenen. Denk aan Baan, Versatel, KPN Qwest, Hagemeyer, Fortis, Vedior, PostNL en Imtech. Er kwamen ook nieuwe sterren als ASML, ASMI, Adyen, Arcelor Mittal en BESI bij.   

Aandelen blijven superieur

De gemiddelde belegger heeft niet de neiging zijn portefeuille voortdurend te verversen en blijft veelal met verliezers uit vroegere tijden zitten. Zijn voetbalteam wordt na verloop van tijd zwakker. Het rendement van gemiddeld 10 procent per jaar zal hij nooit realiseren. Het is de voornaamste reden waarom de meeste (ook professionele) beleggers op de lange termijn nooit een index zullen verslaan. Een beleggingsportefeuille heeft wel voortdurend onderhoud nodig. Lukt dat dan blijven aandelen superieur.

Maak vrijblijvend een afspraak met een van onze specialisten