Auteur: Jan-Willem Nijkamp   Datum: 18-02-2026

 

Belasting op ongerealiseerd rendement recept voor economische ellende

De EU kan er ook wat van

Er wordt vaak gesproken over de onhoudbaarheid van de Amerikaanse staatsschuld. Het begrotingstekort en de staatsschuld van de VS zijn zeker zorgelijk, maar in de EU kunnen we er ook wat van. Uitgedrukt als percentage van het BNP is de staatsschuld van de gehele EU inderdaad lager dan die van de VS. De economie van de VS groeit echter aanmerkelijk harder. Bovendien is de bevolkingssamenstelling van de VS gunstiger. De EU vergrijst in rap tempo en de financiering van de verzorgingsstaat en de pensioenen lijkt een onbegaanbare weg ingeslagen. Een weg die regelrecht leidt naar de afgrond.

Vergrijzing

Het aantal ouderen neemt snel toe en het werkzame gedeelte van de bevolking daalt met rasse schreden. Op de achterkant van een bierviltje kan snel uitgerekend worden dat de huidige situatie niet lang meer houdbaar is. De staatsschuld van Italië, België, Spanje, Frankrijk en Portugal is hoger dan 100 procent van het BNP. Het Verdrag van Maastricht uit 1992 stelt dat eurolanden een overheidsschuld van niet meer dan 60 procent van het BNP mogen hebben. Das war einmal. Lange tijd waren deze schulden geen bedreiging. De rente op staatsobligaties was immers zeer laag of zelfs negatief. De stijging van de rente van de afgelopen jaren heeft de situatie echter veranderd.

De gigant bezwijkt onder zijn uitgaven

De Europese Unie is weliswaar een gigant met een enorme potentie, maar lijkt te gaan bezwijken onder zijn publieke uitgaven. De verzorgingsstaat is in theorie een prachtig idee. Maar gaandeweg steeds moeilijker om te financieren. De autoriteiten breken zich in toenemende mate het hoofd hoe de financiering van de verzorgingsstaat overeind te houden. Verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd? Stuit op enorm veel weerstand. Verhoging van de inkomstenbelasting? Die heeft in de EU met 50 procent zijn limiet wel bereikt. Kansloos.

Vermogensbelasting

Wat dan wel? Welnu, de Europese autoriteiten hebben hun blik gericht op het belasten van het vermogen, in plaats van het inkomen. Dat biedt uitkomst. In het bijzonder de vermogenswinsten op de beurs. De beurzen stijgen immers al jaren en daar wordt verlekkerd naar gekeken. Vooral door degenen die er niet of nauwelijks van geprofiteerd hebben. Beleggers – en zeker succesvolle beleggers – vormen immers slechts een minderheid onder de Europese kiezers. Deze groep kun je zonder al te veel electorale kleerscheuren eenvoudig wat lichter maken.

Wet werkelijk rendement

Zo werd op 12 februari het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 aangenomen door de Tweede Kamer. De Tweede Kamer wil vanaf 2028 een belasting invoeren op basis van werkelijke rendementen. Vanaf dat jaar introduceert Nederland een vermogensaanwasbelasting, waarmee ongerealiseerde winsten – waardestijgingen op papier – belast worden. Dit betekent dat belasting wordt betaald over rendement voordat het is gerealiseerd.

Vermogensaanwasbelasting

Het tarief bedraagt 36 procent over het totale werkelijke rendement. Als een aandelenportefeuille in waarde stijgt, telt deze stijging als belastbaar rendement, ook als u de aandelen niet verkoopt. In tegenstelling tot een vermogenswinstbelasting (die pas bij verkoop heft), wordt bij de vermogensaanwasbelasting de waardestijging elk jaar belast. Het gedeelte van het vermogen dat werd vrijgesteld van belasting (57.684 euro in 2025) wordt vervangen door een jaarlijkse winstvrijstelling van 1800 euro. Er vindt ook geen achterwaartse verliesverrekening plaats. Als uw totale werkelijke rendement in een jaar negatief is, wordt dit op nul gezet; een negatief rendement kan niet worden verrekend met andere jaren. 

Erg hoog

Waarom is deze wet rampzalig voor beleggers? In de eerste plaats is het tarief van 36 procent erg hoog. Vrijwel overal in Europa is dat tarief lager, variërend van nul procent in bijvoorbeeld Zwitserland, tot 20 procent in Polen, 26 procent in Italië en Duitsland en 30 procent in Frankrijk en Zweden. Maar vooral ongunstig is de belastingvorm. Deze vorm heeft grote invloed op de vermogensvorming. Het rente-op-rente-effect (het 8e wereldwonder van Einstein) is juist de reden waarom beleggen in aandelen noodzakelijk is om vermogen op te bouwen en superieur is aan bijvoorbeeld sparen.

Vermogen opbouwen wordt moeilijk

Na een periode van 30 jaar beleggen in aandelen kan het uiteindelijk wel de helft schelen in het gerealiseerde eindkapitaal. Het appeltje voor de dorst wordt een stuk minder fruitig. Het wordt voor degenen die hun eigen pensioen willen opbouwen wel erg moeilijk gemaakt. Nog los van het feit dat velen de financiën om de jaarlijkse forse belastingaanslag te kunnen betalen eenvoudig niet hebben. Ze zullen een deel van hun aandelen moeten verkopen om belasting te kunnen betalen. Dat betekent een behoorlijke greep in de kas en een fors lager eindkapitaal.

Verzorgingsstaat op losse schroeven

Dat nu juist op een moment dat men in de EU het vormen van een grote kapitaalmarkt en het beleggen wil stimuleren. Het voornaamste verschil tussen de VS en de EU was het ontbreken van een grote en diepe kapitaalmarkt binnen de EU. En het ontbreken van een beleggingscultuur. Niet voor niets zoeken veel Europese bedrijven hun toevlucht in de VS. In de EU is er geen financiering voor hun groei. Met dit soort belastingwetten zal het verschil met de VS alleen maar verder oplopen. Erger nog, de financiering van de verzorgingsstaat zal op losse schroeven komen te staan.  

 

Maak vrijblijvend een afspraak met een van onze specialisten