Auteur: Joop van de Groep Datum: 01-10-2021

Blauwbekken

Het Amerikaanse Congres is gisteren akkoord gegaan met een tijdelijke begroting waardoor een “shutdown” van niet essentiële overheidsdiensten tot 3 december is voorkomen. De tijdelijke verhoging van het schuldenplafond is geen onderdeel van de overheidsbegroting voor komend jaar. Eerder deze week gaf Fed-voorzitter Jerome Powell in een verklaring aan de bankencommissie van de Senaat aan dat het essentieel is om het schuldenplafond te verhogen. Als de Amerikaanse overheid met de rentebetaling in gebreke zou blijven dan zou dat een schokgolf teweeg kunnen brengen op de kapitaalmarkten. In dezelfde verklaring waarschuwde Powell dat de recent gestegen inflatie wat langer kan aanhouden dan waarop is geanticipeerd. 

In de maand september nam voor beleggers de onzekerheid toe. Denk hierbij aan de stijging van de deltavariant van het coronavirus en de fors opgelopen productiekosten van de bedrijven. Bovendien kondigde de Amerikaanse centrale bank aan binnenkort te starten met het afbouwen het maandelijkse obligatie opkoopprogramma. Op de Amerikaanse rentederivatenmarkten worden de eerste renteverhogingen per september volgend jaar ingeprijsd in de zogenaamde renteswaps.
De index die de beweeglijkheid van de aandelenbeurs meet is de volatiliteitsindex (VIX), in de volksmond ook wel de ‘angstbarometer’ genoemd. In de maand september is de beweeglijkheid op de S&P 500 index met ongeveer 50 procent gestegen. Tikte de S&P 500 index begin september nog de hoogste stand ooit aan, per ultimo september eindigde de index voor de maand 4,8 procent in de min. De behoorlijke daling in september zorgde er en passant ook nog voor dat de S&P 500 index over het afgelopen kwartaal nipt in het rood dook en daardoor niet de zesde kwartaalwinst op rij kon noteren

Beursgang

Webwinkel Coolblue heeft vanochtend aangekondigd om over twee weken naar de Amsterdamse beurs te gaan. Amsterdam profileert zich steeds meer als technologiebeurs vandaar de voorkeur voor het Damrak. Coolblue wordt het zeventiende bedrijf dat dit jaar een notering krijgt in de hoofdstad. Het hoge aantal nieuwe noteringen geeft het vooralsnog positieve beurssentiment weer.
De webwinkel heeft geprofiteerd van de coronapandemie. Door de lockdowns gingen consumenten massaal online bestellen. De omzet steeg daardoor vorig jaar met 24 procent naar 2 miljard euro. Voor dit jaar wordt eveneens een mooie groei van de omzet verwacht.
Coolblue is voor 51 procent in handen van oprichter en ceo Pieter Zwart, de andere 49 procent is in handen van investeringsmaatschappij HAL.
Het e-commerce bedrijf gaat zowel nieuwe aandelen als bestaande aandelen plaatsen bij beleggers. Topman Zwart wil na de beursgang nog steeds de grootste aandeelhouder blijven. Met de beursgang wordt er gestreefd naar een free-float van 20 à 30 procent. Ongeveer 10 procent van de aandelenemissie is bestemd voor de particuliere beleggers. De opbrengst van de nieuwe aandelen zal worden gebruikt om de balans te versterken, omdat zowel dit jaar als vorig aanzienlijke investeringen zijn gedaan. 

Ten aanzien van de hoogte van de introductieprijs, liet de topman zich niet uit. Schattingen over de beurswaarde van Coolblue lopen uiteen van 3 tot 6 miljard euro. HAL heeft de deelneming nu nog in de boeken staan voor 250 miljoen euro. Na de beursintroductie zal de nettovermogenswaarde van HAL met een veelvoud van dit bedrag toenemen. De aandelen HAL Trust noteerden rond het middag ruim 2 procent hoger.

Het beursklimaat is de laatste weken aan het verslechteren. Mocht het de komende weken nog guurder worden dan kunnen ‘blauwbekkende’ beleggers nog steeds roet in het eten gooien.

Maak vrijblijvend een afspraak met een van onze specialisten

 

Auteur: Jan-willem Nijkamp Datum: 13-05-2021

Inflatie maakt beleggers nerveus

Consumenten Prijs Index

Dinsdag waren de beurzen al gedaald vooruitlopend op de inflatiecijfers van een dag later. Er was toch wel enige vrees dat het Bureau of Labor Statistics in de Verenigde Staten een CPI (Consumer Price Index) zou publiceren waar beleggers niet erg vrolijk van konden worden. Het was nog erger. Het mandje van prijzen van goederen en diensten dat gezamenlijk de inflatie meet bleek op jaarbasis met niet minder dan 4,2 procent te zijn gestegen. Dat terwijl er een toename van 3,6 procent was verwacht. Ook op maandbasis liepen de prijzen veel harder op dan ingeschat, met 0,8 procent. Een prijsstijging die we sinds 2008, voordat de kredietcrisis uitbrak, niet meer hadden gezien. Daar de beurzen al hadden geanticipeerd op slechte cijfers duurde het even voor er duidelijk richting werd gekozen door beleggers. Maar uiteindelijk zetten de beurzen de weg naar beneden in. Ook vandaag volgen de markten in Europa die van de Verenigde Staten. Zo staat de AEX inmiddels 6 procent onder zijn hoogste koers van begin deze maand.

Einde aan TINA?

Is deze vrees terecht? Beleggers zijn immers al jaren gewend aan een historisch lage inflatie. Als gevolg daarvan kon ook het rentepeil naar ongekende diepten wegzinken. In ons werelddeel is er zelfs al enkele jaren sprake van een negatieve rente. Het joeg spaarders naar de beurs onder het motto dat er geen alternatief was voor een belegging in aandelen (TINA). De aanwassende stroom van geld naar de beurs stuwde de koersen verder op en dat trok op zijn beurt weer nieuwe beleggers aan. Niets heeft zo’n aantrekkingskracht als voortdurende koerswinsten. Beleggers werden daarbij geholpen door de centrale banken die met regelmaat lieten weten voorlopig niet van plan te zijn de rente weer te gaan verhogen. Zelfs een enigszins oplopende inflatie zou ze niet van mening doen veranderen. Maar 4,2 procent?

Basiseffecten

Hoe houdbaar is dan het ruime monetaire beleid nog? Veel beleggers nemen het zekere voor het onzekere en gingen over tot verkoop van hun aandelen. Maar reageren ze niet te snel? De snelle toename van de prijzen kan toch moeilijk als een verrassing zijn gekomen. De pandemie zorgde een jaar geleden voor een enorme prijsdaling van allerlei diensten waar plots weinig behoefte meer aan was. Zo zakte de CPI in april vorig jaar diep weg. Met dit lage niveau als vergelijkingsbasis is het dan ook niet zo vreemd dat een jaar later – in een zich snel herstellende economie – de prijzen hard oplopen. Economen spreken in zo’n geval van basiseffecten. Voor de duidelijkheid, het algemene prijspeil is nog steeds lager dan dat van voor de uitbraak van het virus. Het is het tempo van de groei, niet het absolute prijspeil, dat momenteel zorgen baart.

Markt voor tweedehands auto’s explodeert

Opvallend is verder dat er geen sprake is van een prijsstijging over de gehele linie. Zo blijkt uit een nadere analyse dat de forse toename van de prijzen toe te schrijven is aan diensten die slechts voor 13 procent uitmaken van de consumentenbestedingen. Zo liepen vooral de prijzen van gebruikte auto’s en trucks, hotelovernachtingen, restaurants, vliegtrickets, autoverzekeringen, kaartjes voor evenementen en musea en autoverhuur sterk op. Juist die prijzen waren in de pandemie het hardst gedaald en lopen nu het meest op. In de pandemie hadden autoverhuurbedrijven een gedeelte van hun vloot in de verkoop gedaan en nu dienden ze hun voorraad als de wiedeweerga weer aan te vullen. Daar nieuwe auto’s sowieso moeilijk verkrijgbaar zijn (vanwege het chiptekort) explodeert de markt voor tweedehands auto’s.

Irrational exuberance

Maar wat zegt deze prijsstijging over de brede economie? De centrale banken hebben steeds gesteld dat de inflatie slechts van tijdelijke aard zal zijn. Op zeker moment zullen vraag en aanbod elkaar weer vinden en normaliseren de markten weer. Bedenk ook dat de switch van diensten naar goederen tijdens de pandemie weer vice versa zal zijn zodra de meeste mensen gevaccineerd zijn. Met andere woorden, waar de prijzen van allerlei diensten weer op zullen lopen, kunnen juist de prijzen voor goederen en grondstoffen (die nu hard stijgen) weer zakken. Ondanks alle onrust staat het algemeen prijsniveau nog steeds onder het niveau van de lange termijntrend waar bijvoorbeeld de Federal Reserve de prijzen zou willen hebben. Bedenk dat de kerninflatie momenteel 3,0 procent is. Dat lijkt veel, maar is exact het niveau waar ze bijvoorbeeld in 1996 ook stond. Hoewel de toenmalige gouverneur van de Fed Alan Greenspan toen waarschuwde voor irrational exuberance zouden de beurzen nog vier jaar verder stijgen.