Auteur: Martine Hafkamp Datum: 21-06-2021

De langste dag

Na een aarzelend begin draaide de AEX in de loop van de maandagochtend de plus in. De terughoudendheid bij de start is logisch. Afgelopen vrijdag gingen de beurzen immers in mineur de week uit, maar we moeten niet vergeten dat we net een lange recordreeks achter de rug hebben. Dan is het eigenlijk niet meer dan logisch dat het dan ook wel eens een dagje iets minder is. Dat is ook niet erg en het wil niet zeggen dat er nu ineens donkere wolken aan de hemel zijn verschenen. Economisch gaat het goed en steeds beter, het spookbeeld van een oplopende inflatie en rente lijkt naar de achtergrond te zijn verdreven. Op de uitspraak van Fed president James Bullard, die overigens geen beleidsmaker is, dat hij verwacht dat de Fed de eerste renteverhoging al volgend jaar zal doorvoeren, daalden de beurzen fors. Volgens hem staat de Amerikaanse economie er veel beter voor dan de Fed had verwacht. Dat is een ander geluid dan dat Jerome Powell liet horen in de officiële toelichting op het rentebesluit. In reactie op de uitspraken zien we de Amerikaanse rentecurve vlakker worden. In Japan sloot de Nikkei vandaag 3,7 procent lager, in China bleef de daling beperkt tot -0,2 procent.

Natuurlijk zullen veel beleggers ook kijken naar de rendementen die er dit jaar al gerealiseerd zijn. Zo bezien zit er ook al wel heel veel van het goede nieuws in de koersen verwerkt en is het niet verwonderlijk dat we even een pas op de plaats maken. De verwachtingen voor het komende cijferseizoen zijn overigens hooggespannen. Er wordt een jaar op jaar winstgroei verwacht van 61,9 procent. Dat is de hoogste verwachting sinds het vierde kwartaal van 2009, toen we het dieptepunt van de kredietcrisis achter ons lieten.

Beste resultaat ooit voor Prosus

De omzet van Prosus maakte zeker geen pas op de plaats. Eerder al werd de verwachting verhoogd. Vanochtend werden de definitieve cijfers over het gebroken boekjaar 2021, dat loopt tot en met maart, gepubliceerd. Wereldwijd bedient Prosus nu meer dan 2 miljard gebruikers. De omzet steeg met 33 procent tot een niveau van 28,8 miljard dollar. Als we de omzet van Tencent hier uitfilteren, blijft dat de autonome omzet van Prosus nog veel meer in de lift zit. Die dikte namelijk met 54 procent aan. De vrije kasstroom werd positief. Waar die een jaar eerder nog 338 miljoen dollar negatief was, was er nu een positief bedrag van 126 miljoen dollar. De nettowinst steeg met 39 procent naar een bedrag van 4,9 miljard dollar.

Met de activiteiten op het gebied van Food Delivery deed Prosus goede zaken. In het eerste kwartaal werd het belang in het Duitse Delivery Hero verhoogd naar 24,99 procent. Daarnaast heeft Prosus belangen in het Braziliaanse iFood en het Indiase Swiggy. Deze belangen tezamen lieten een groei van de omzet zien van 127 procent naar totaal 1,5 miljard dollar. Tot frustratie van Prosus zelf wordt de onderwaardering niet minder. De waarde van Prosus op de Amsterdamse beurs bedraagt nu zo’n 137 miljard euro terwijl het belang van 28,9 procent dat Prosus alleen in Tencent heeft ruim 181 miljard euro waard is.

Maak vrijblijvend een afspraak met een van onze specialisten

 

Auteur: Jan-willem Nijkamp Datum: 13-05-2021

Inflatie maakt beleggers nerveus

Consumenten Prijs Index

Dinsdag waren de beurzen al gedaald vooruitlopend op de inflatiecijfers van een dag later. Er was toch wel enige vrees dat het Bureau of Labor Statistics in de Verenigde Staten een CPI (Consumer Price Index) zou publiceren waar beleggers niet erg vrolijk van konden worden. Het was nog erger. Het mandje van prijzen van goederen en diensten dat gezamenlijk de inflatie meet bleek op jaarbasis met niet minder dan 4,2 procent te zijn gestegen. Dat terwijl er een toename van 3,6 procent was verwacht. Ook op maandbasis liepen de prijzen veel harder op dan ingeschat, met 0,8 procent. Een prijsstijging die we sinds 2008, voordat de kredietcrisis uitbrak, niet meer hadden gezien. Daar de beurzen al hadden geanticipeerd op slechte cijfers duurde het even voor er duidelijk richting werd gekozen door beleggers. Maar uiteindelijk zetten de beurzen de weg naar beneden in. Ook vandaag volgen de markten in Europa die van de Verenigde Staten. Zo staat de AEX inmiddels 6 procent onder zijn hoogste koers van begin deze maand.

Einde aan TINA?

Is deze vrees terecht? Beleggers zijn immers al jaren gewend aan een historisch lage inflatie. Als gevolg daarvan kon ook het rentepeil naar ongekende diepten wegzinken. In ons werelddeel is er zelfs al enkele jaren sprake van een negatieve rente. Het joeg spaarders naar de beurs onder het motto dat er geen alternatief was voor een belegging in aandelen (TINA). De aanwassende stroom van geld naar de beurs stuwde de koersen verder op en dat trok op zijn beurt weer nieuwe beleggers aan. Niets heeft zo’n aantrekkingskracht als voortdurende koerswinsten. Beleggers werden daarbij geholpen door de centrale banken die met regelmaat lieten weten voorlopig niet van plan te zijn de rente weer te gaan verhogen. Zelfs een enigszins oplopende inflatie zou ze niet van mening doen veranderen. Maar 4,2 procent?

Basiseffecten

Hoe houdbaar is dan het ruime monetaire beleid nog? Veel beleggers nemen het zekere voor het onzekere en gingen over tot verkoop van hun aandelen. Maar reageren ze niet te snel? De snelle toename van de prijzen kan toch moeilijk als een verrassing zijn gekomen. De pandemie zorgde een jaar geleden voor een enorme prijsdaling van allerlei diensten waar plots weinig behoefte meer aan was. Zo zakte de CPI in april vorig jaar diep weg. Met dit lage niveau als vergelijkingsbasis is het dan ook niet zo vreemd dat een jaar later – in een zich snel herstellende economie – de prijzen hard oplopen. Economen spreken in zo’n geval van basiseffecten. Voor de duidelijkheid, het algemene prijspeil is nog steeds lager dan dat van voor de uitbraak van het virus. Het is het tempo van de groei, niet het absolute prijspeil, dat momenteel zorgen baart.

Markt voor tweedehands auto’s explodeert

Opvallend is verder dat er geen sprake is van een prijsstijging over de gehele linie. Zo blijkt uit een nadere analyse dat de forse toename van de prijzen toe te schrijven is aan diensten die slechts voor 13 procent uitmaken van de consumentenbestedingen. Zo liepen vooral de prijzen van gebruikte auto’s en trucks, hotelovernachtingen, restaurants, vliegtrickets, autoverzekeringen, kaartjes voor evenementen en musea en autoverhuur sterk op. Juist die prijzen waren in de pandemie het hardst gedaald en lopen nu het meest op. In de pandemie hadden autoverhuurbedrijven een gedeelte van hun vloot in de verkoop gedaan en nu dienden ze hun voorraad als de wiedeweerga weer aan te vullen. Daar nieuwe auto’s sowieso moeilijk verkrijgbaar zijn (vanwege het chiptekort) explodeert de markt voor tweedehands auto’s.

Irrational exuberance

Maar wat zegt deze prijsstijging over de brede economie? De centrale banken hebben steeds gesteld dat de inflatie slechts van tijdelijke aard zal zijn. Op zeker moment zullen vraag en aanbod elkaar weer vinden en normaliseren de markten weer. Bedenk ook dat de switch van diensten naar goederen tijdens de pandemie weer vice versa zal zijn zodra de meeste mensen gevaccineerd zijn. Met andere woorden, waar de prijzen van allerlei diensten weer op zullen lopen, kunnen juist de prijzen voor goederen en grondstoffen (die nu hard stijgen) weer zakken. Ondanks alle onrust staat het algemeen prijsniveau nog steeds onder het niveau van de lange termijntrend waar bijvoorbeeld de Federal Reserve de prijzen zou willen hebben. Bedenk dat de kerninflatie momenteel 3,0 procent is. Dat lijkt veel, maar is exact het niveau waar ze bijvoorbeeld in 1996 ook stond. Hoewel de toenmalige gouverneur van de Fed Alan Greenspan toen waarschuwde voor irrational exuberance zouden de beurzen nog vier jaar verder stijgen.