Auteur: Martine Hafkamp  Datum: 08-11-2021

Groen licht voor Biden

De Amerikaanse president Joe Biden heeft een succes behaald, want hij heeft voor z’n plannen ter grootte van 1.000 miljard dollar voor het opkalefateren van de infrastructuur van z’n land de instemming van het Huis van Afgevaardigden gekregen. Het is een beetje een pyrrusoverwinning, want zoals bekend was er ook binnen z’n eigen partij veel weerstand tegen de grote hoeveelheid geld die Biden wil uittrekken voor het verder stimuleren van de Amerikaanse economie. De uitslag van de stemming was 228-206, dertien Republikeinen waren voor het plan en zes Democraten tegen. Naar de mening van veel leden uit het Huis van Afgevaardigden gaat het daar namelijk helemaal niet zo slecht mee en ook met de werkgelegenheid gaat het prima. Zij vinden de investeringsplannen dan ook te exorbitant. Daarom werd er op het laatste moment door de regering Biden nog water bij de wijn gedaan om de benodigde meerderheid binnen te kunnen slepen.

Het aantal nieuwe banen steeg afgelopen vrijdag harder dan verwacht en het werkloosheidspercentage is weer op het niveau beland van voor de uitbraak van de coronapandemie. De groei van het aantal nieuwe banen was de hoogste maand-op-maand toename sinds juli. Een deel van de verklaring komt doordat de deltavariant van het coronavirus, in tegenstelling tot Europa, in Verenigde Staten juist aan invloed inboet. Het aantal Amerikanen dat thuis werkeloos op de bank zit daalde de afgelopen maand met zo’n 300.000. Dat houdt in dat in de Verenigde Staten er nog zo’n 7,4 miljoen mensen actief op zoek naar werk zijn. Het gemiddelde uurloon steeg met 0,4 procent. De ontwikkeling hiervan wordt nauwlettend in de gaten gehouden aangezien steeds meer bedrijven aangeven moeite te hebben met het vinden van nieuw personeel en om die reden de salarissen verhogen in de hoop dat dat nieuwe medewerkers over de streep trekt.

Terug dan naar het investeringspakket dat Biden nu door het Huis van Afgevaardigden heeft geloodst. Er zal de komende jaren 1.000 miljard dollar worden uitgegeven aan het opknappen van wegen, bruggen, spoorverbindingen en luchthavens. Ook wordt er geld uitgetrokken voor het moderniseren van het elektriciteitsnetwerk, voorzieningen voor schoon drinkwater en betere internetverbindingen. Ook wordt er geld uitgetrokken voor het installeren van laadpalen voor elektrische auto’s.

Met alle uitgaven die hiermee op stapel staan, zullen beleggers de komende maanden ongetwijfeld de ontwikkeling van de inflatie weer nauwlettend in de gaten houden. Op het moment zien beleggers de moeilijkheid daar niet van in en scharen zij zich achter het standpunt van de Fed dat deze tijdelijk een hogere groei te zien geeft, getuige de daling van de tienjaarsrente in de Verenigde Staten. De tijd zal leren of zij daar gelijk in hebben, daar is het nu nog te vroeg voor. Ondertussen is er natuurlijk wel een aantal centrale banken die overweegt de rente te verhogen of dat al gedaan heeft. Dat de Fed daar terughoudender mee is, is logisch aangezien het Amerikaanse stelsel van centrale banken een belangrijkere positie innemen op de internationale financiële markten. De reikwijdte van haar besluiten gaat verder dan alleen de eigen economie, ze raken ook de economieën daarbuiten. Daar hebben ze terdege rekening mee te houden.

Daarnaast lijkt de spectaculaire terugval in de vervoerstarieven met een daling van 50 procent in een maand tijd van de Baltic Dry Index te duiden op het feit dat we wellicht het hoogtepunt van de inflatie hebben gehad. Zoals zo vaak, op het moment dat iets topaandacht krijgt in de media, heeft dat de top bereikt. Hetzelfde kan op een zeker moment ook verwacht worden wat betreft het tekort aan chips. Er wordt door analisten al gesproken over een te groot aanbod van chips in 2023 doordat de capaciteit nu zo hard wordt opgevoerd en er veel nieuwe fabrieken worden gebouwd. Mocht dat allemaal bewaarheid worden, dan wordt het inflatiespook dat nu bij tijd en wijle door de markt waart verdreven en hebben Powell en collegae het gelijk aan hun zijde.

Tot die tijd zullen we nog even door een paar zure appels moeten heen bijten want de gevolgen van de gestegen prijzen worden pas met enige vertraging zichtbaar. Het kan niet worden uitgesloten dat overheden de afgelopen anderhalf jaar met hun grootschalige steun de crisis alleen maar hebben uitgesteld, maar niet definitief hebben afgewend. Vandaar dat Biden zijn voet vol op het gaspedaal wil houden. Niets is immers zeker in het leven. Beleggers moeten daarom altijd rekening houden met een plan B, en dat is in dit geval dat er wel een economische terugval komt. Voorlopig lijkt het het meest waarschijnlijk dat we terugkeren naar de situatie van voor de coronapandemie en dat is een lage(re) economische groei van een procent of twee per jaar. Doe er uw voordeel mee!

 

Maak vrijblijvend een afspraak met een van onze specialisten

 

Auteur: Jan-willem Nijkamp Datum: 13-05-2021

Inflatie maakt beleggers nerveus

Consumenten Prijs Index

Dinsdag waren de beurzen al gedaald vooruitlopend op de inflatiecijfers van een dag later. Er was toch wel enige vrees dat het Bureau of Labor Statistics in de Verenigde Staten een CPI (Consumer Price Index) zou publiceren waar beleggers niet erg vrolijk van konden worden. Het was nog erger. Het mandje van prijzen van goederen en diensten dat gezamenlijk de inflatie meet bleek op jaarbasis met niet minder dan 4,2 procent te zijn gestegen. Dat terwijl er een toename van 3,6 procent was verwacht. Ook op maandbasis liepen de prijzen veel harder op dan ingeschat, met 0,8 procent. Een prijsstijging die we sinds 2008, voordat de kredietcrisis uitbrak, niet meer hadden gezien. Daar de beurzen al hadden geanticipeerd op slechte cijfers duurde het even voor er duidelijk richting werd gekozen door beleggers. Maar uiteindelijk zetten de beurzen de weg naar beneden in. Ook vandaag volgen de markten in Europa die van de Verenigde Staten. Zo staat de AEX inmiddels 6 procent onder zijn hoogste koers van begin deze maand.

Einde aan TINA?

Is deze vrees terecht? Beleggers zijn immers al jaren gewend aan een historisch lage inflatie. Als gevolg daarvan kon ook het rentepeil naar ongekende diepten wegzinken. In ons werelddeel is er zelfs al enkele jaren sprake van een negatieve rente. Het joeg spaarders naar de beurs onder het motto dat er geen alternatief was voor een belegging in aandelen (TINA). De aanwassende stroom van geld naar de beurs stuwde de koersen verder op en dat trok op zijn beurt weer nieuwe beleggers aan. Niets heeft zo’n aantrekkingskracht als voortdurende koerswinsten. Beleggers werden daarbij geholpen door de centrale banken die met regelmaat lieten weten voorlopig niet van plan te zijn de rente weer te gaan verhogen. Zelfs een enigszins oplopende inflatie zou ze niet van mening doen veranderen. Maar 4,2 procent?

Basiseffecten

Hoe houdbaar is dan het ruime monetaire beleid nog? Veel beleggers nemen het zekere voor het onzekere en gingen over tot verkoop van hun aandelen. Maar reageren ze niet te snel? De snelle toename van de prijzen kan toch moeilijk als een verrassing zijn gekomen. De pandemie zorgde een jaar geleden voor een enorme prijsdaling van allerlei diensten waar plots weinig behoefte meer aan was. Zo zakte de CPI in april vorig jaar diep weg. Met dit lage niveau als vergelijkingsbasis is het dan ook niet zo vreemd dat een jaar later – in een zich snel herstellende economie – de prijzen hard oplopen. Economen spreken in zo’n geval van basiseffecten. Voor de duidelijkheid, het algemene prijspeil is nog steeds lager dan dat van voor de uitbraak van het virus. Het is het tempo van de groei, niet het absolute prijspeil, dat momenteel zorgen baart.

Markt voor tweedehands auto’s explodeert

Opvallend is verder dat er geen sprake is van een prijsstijging over de gehele linie. Zo blijkt uit een nadere analyse dat de forse toename van de prijzen toe te schrijven is aan diensten die slechts voor 13 procent uitmaken van de consumentenbestedingen. Zo liepen vooral de prijzen van gebruikte auto’s en trucks, hotelovernachtingen, restaurants, vliegtrickets, autoverzekeringen, kaartjes voor evenementen en musea en autoverhuur sterk op. Juist die prijzen waren in de pandemie het hardst gedaald en lopen nu het meest op. In de pandemie hadden autoverhuurbedrijven een gedeelte van hun vloot in de verkoop gedaan en nu dienden ze hun voorraad als de wiedeweerga weer aan te vullen. Daar nieuwe auto’s sowieso moeilijk verkrijgbaar zijn (vanwege het chiptekort) explodeert de markt voor tweedehands auto’s.

Irrational exuberance

Maar wat zegt deze prijsstijging over de brede economie? De centrale banken hebben steeds gesteld dat de inflatie slechts van tijdelijke aard zal zijn. Op zeker moment zullen vraag en aanbod elkaar weer vinden en normaliseren de markten weer. Bedenk ook dat de switch van diensten naar goederen tijdens de pandemie weer vice versa zal zijn zodra de meeste mensen gevaccineerd zijn. Met andere woorden, waar de prijzen van allerlei diensten weer op zullen lopen, kunnen juist de prijzen voor goederen en grondstoffen (die nu hard stijgen) weer zakken. Ondanks alle onrust staat het algemeen prijsniveau nog steeds onder het niveau van de lange termijntrend waar bijvoorbeeld de Federal Reserve de prijzen zou willen hebben. Bedenk dat de kerninflatie momenteel 3,0 procent is. Dat lijkt veel, maar is exact het niveau waar ze bijvoorbeeld in 1996 ook stond. Hoewel de toenmalige gouverneur van de Fed Alan Greenspan toen waarschuwde voor irrational exuberance zouden de beurzen nog vier jaar verder stijgen.