Auteur: Jan-willem Nijkamp Datum: 24-04-2018

De olieprijs naar hoogste punt sinds vier jaar

Een boze tweet van ’s werelds bekendste twitteraar

Niet lang nadat de olieministers hun bijeenkomst in Jeddah, Saoedi-Arabië, hadden afgerond stuurde de Amerikaanse president Trump een boze tweet de wereld rond. “Looks like OPEC is at it again. With record amounts of Oil all over the place, including the fully loaded ships at sea, Oil prices are artificially Very High! No good and will not be accepted!”. Naar zijn mening hebben de productiebeperkingen die het oliekartel zich heeft opgelegd ervoor gezorgd dat de olieprijs onaanvaardbaar hoog is opgedreven.

Geslaagde strategie van de OPEC

Samen met “bondgenoot” Rusland schroefden de OPEC-leden de productie van ruwe olie terug om de prijs weer te stuwen. Tussen 2011 en 2014 werd er immers meer dan 100 dollar voor een vat olie neergelegd. Daarna zakte de prijs behoorlijk in tot een bodemniveau van ruim 27 dollar in januari 2016. Dat was mede het resultaat van de grote hoeveelheden olie die er in de Verenigde Staten werden opgepompt door de schaliebedrijven. Het leidde tot een enorm overschot aan olie op de wereldmarkt. Samen met een gedaalde vraag als gevolg van een sputterende wereldeconomie leidde dat tot de eerdergenoemde ongekende prijsval van olie.

Geopolitieke ontwikkelingen

Inmiddels lijkt de strategie van de OPEC en Rusland te werken. De prijs voor een vat Brent-olie bedraagt alweer 75 dollar. Vraag en aanbod van olie lijken weer met elkaar in balans. Zij het dat diverse ontwikkelingen in hun voordeel uitvielen, zonder dat ze daar nu direct invloed op konden uitoefenen. Zo zakte de olieproductie van OPEC-lid Venezuela nogal in als gevolg van de zware crisis waarin het land verkeerd. Ook Libië en oplopende spanningen in het Midden-Oosten droegen bij aan de prijsstijging. En de wereldeconomie trok aan waardoor de vraag naar olie opliep. Zo worden er wereldwijd maar liefst ruim 98 miljoen vaten olie per dag verhandeld. Meer dan het Internationaal Energie Agentschap had voorzien.

Ambitieuze kroonprins

Zo bezien is de prijsstijging niet louter het gevolg van de herziene strategie van de OPEC. Het zit de olieproducerende landen momenteel op alle fronten erg mee. En dat komt met name de “centrale bank van de olie”, zoals Saoedi-Arabië ook wel wordt genoemd, zeer goed uit. In de eerste plaats heeft de ambitieuze kroonprins Mohammed bin Sulman veel geld nodig om het grootschalige moderniseringsprogramma van zijn land door te voeren. De oliegelden die nu binnenstromen komen zodoende goed van pas. Maar ten tweede staat de beursgang van staatsoliebedrijf Aramco op de rol. Let wel, dit wordt de grootste beursgang ooit van het naar marktkapitalisatie gemeten grootste bedrijf ter wereld. Het zal Apple probleemloos wegvagen als grootste beursbedrijf ter wereld. Voor deze beursgang heeft Saoedi-Arabië een hoge olieprijs nodig – gefluisterd wordt 80 tot 100 dollar per vat - om voldoende investeerders aan te kunnen trekken.

Tegenstrijdige belangen

De belangen van de kroonprins lijken echter met die van Trump te botsen. Een fors hogere olieprijs betekent fors duurdere benzine in de Verenigde Staten. En benzineprijzen liggen in de Verenigde Staten – in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Europese Unie – politiek erg gevoelig. Trump heeft weinig behoefte aan een ontevreden achterban. En dan speelt er nog iets. Op 12 mei zal president Trump beslissen of hij wel of niet zal doorgaan met het nucleaire akkoord met Iran. Iran is heel toevallig ook nog eens een van de grotere olieproducenten in deze wereld. Wanneer Trump het akkoord opzegt en nieuwe sancties oplegt, zal dat kunnen uitmonden in een nog hogere olieprijs. En om alles nog wat gecompliceerder te maken heeft Saoedi-Arabië graag ruggensteun van de Verenigde Staten in zijn voortdurende confrontaties met Iran.

Midden-Oosten terug op de kaart

Wie dacht dat het Midden-Oosten er niet meer toe doet nu de Verenigde Staten binnenkort zelf de grootste olieproducent ter wereld zullen zijn heeft het dus mis. Olie en politiek zijn nauw met elkaar verbonden. En de olieprijs op zijn beurt weer met de beurzen. Het is niet voor niets dat bijvoorbeeld Koninklijke Olie alweer boven de 29 euro noteert en komende donderdag naar alle waarschijnlijkheid mooie cijfers zal rapporteren. Maar een hogere olieprijs is niet alleen maar positief voor beleggers. Een hogere brandstofprijs betekent immers oplopende inflatie. En dat leidt weer tot een hogere rente. En daar zit in een wereld volgeladen met schulden eigenlijk vrijwel niemand op te wachten.