Auteur:  Jan-willem Nijkamp Datum: 14-01-2020

Grijze druk bedreigt rendement

Nul komma nul

“Nul komma nul” kopt een landelijk dagblad vanochtend. Gisteren was het al een issue op het NOS-journaal. Het moge duidelijk zijn, het feit dat de spaarrente voor de meesten nu echt gezakt is naar nul houdt de gemoederen behoorlijk bezig. Het zat er al enige tijd aan te komen en ook al heeft een deel van politiek Den Haag getracht het tegen te houden, het is zo ver. De gewone spaarder – met een saldo tot 100.000 euro – ontvangt geen enkele rentevergoeding meer voor zijn spaargeld. Is dit slechts een tijdelijke afwijking of moeten spaarders serieus rekening gaan houden met erger in de toekomst?

Wereldwijd spaaroverschot

Vaak wordt een beschuldigende vinger gestoken naar de centrale banken. Met hun ruime geldbeleid zouden zij de oorzaak zijn van deze historisch lage rente. Ongetwijfeld hebben de centrale bankiers hun steentje bijgedragen aan deze voor spaarders ongewenste situatie. Maar feitelijk doen centrale bankiers niets anders dan hun beleid aanpassen aan de actuele economische situatie. Zij leiden niet, maar volgen. De voornaamste reden achter de steeds verder dalende rente vormt het wereldwijde spaaroverschot. Dat spaaroverschot heeft een demografische oorzaak. De enorme geboortegolf na de oorlog heeft er immers toe geleid dat er momenteel bovengemiddeld veel ouderen zijn. Ouderen die terecht zijn gekomen in de “piekfase” van hun vermogensopbouw. De pensioenkassen puilen uit, er stond nog nooit zoveel spaargeld bij banken uit, de beurzen blijven maar stijgen, het vastgoed gaat voor ongekende prijzen van de hand en zelfs voor onconventionele beleggingen als whisky en wijn worden soms absurde bedragen neergelegd.

Grijze druk

Kortom, er is geld in overvloed en beleggingen zijn schaars. Waar gaat dit heen? Want een eenvoudige blik op bevolkingsgrafieken leert ons dat de vergrijzing zijn hoogtepunt nog niet eens heeft bereikt. Dat gaat de komende twintig jaar gebeuren. Welke gevolgen gaat dit hebben voor de economie? Het aantal mensen boven de 65 zal flink stijgen terwijl er steeds minder jongeren van onder de 15 bijkomen. De zogeheten grijze druk – de verhouding tussen het aantal gepensioneerden en het aantal werkenden – vertoont een steile lijn omhoog naar een piek in 2040. In 2015 stonden er tegenover iedere gepensioneerde in de Europese Unie nog vier werkenden. De schatting is dat dat in 2040 nog maar twee zullen zijn.

Afnemende groei, toenemende kosten

Deze veranderende verhouding zal de economische groei geen goed doen. De productiviteit – toch al aan de lage kant – zal verder afnemen. De uitgaven aan zorg en pensioen zullen sterk toenemen. Bedenk dat iedere 90-plusser jaarlijks voor 30.000 tot 70.000 euro een beroep doet op publiek geld. Met andere woorden, terwijl de groei afneemt, zullen de belastingen verhoogd moeten worden. De staatskassen – en dan vooral die in Zuid-Europese landen – zullen zwaar op de proef gesteld worden. Want waar vrouwen in de Noord-Europese landen nog redelijk in de buurt komen van de benodigde 2,1 kind om de bevolking op peil te houden, wordt dat in Zuid-Europese landen bij lange na niet gehaald. Daar er binnen de Europese Unie een vrij verkeer van personen bestaat kan dit uitgroeien tot een formidabele tijdbom onder het voortbestaan van de eurozone.

Harde feiten, geen taxaties

Het zijn demografische ontwikkelingen, geen toekomstverwachtingen die al dan niet uit kunnen komen. Kortom, harde feiten en geen taxaties. Beleggers zullen zich hier de komende decennia terdege op in moeten gaan stellen. Waar nu al vaak geklaagd wordt over het gebrek aan productiviteit zal deze in de toekomst er niet veel beter op gaan worden. De kosten voor zorg en pensioen lijken nu al onhoudbaar, maar you ain’t seen nothing yet. Belasting nu aan de hoge kant? Tsja, hoe zou men de grijze druk in de toekomst anders moeten gaan financieren?

De grote ontsparing

Er is echter ook een andere kant aan dit verhaal. Al dat bij elkaar gespaarde geld zal eens uitgegeven moeten gaan worden. Of het wordt geërfd door jongere generaties, die er wellicht een bestemming voor weten. Wanneer een tegengestelde trend - de grote ontsparing - op gang komt zal de verhouding tussen het overschot aan spaargeld en het tekort aan beleggingsmogelijkheden vanzelf weer de goede kant op schuiven. Met een normalisatie op de financiële markten tot gevolg. Lagere beurskoersen en hogere rente? Maar op korte termijn nog even niet. Houdt nog maar even rekening met lage rentes en hoge beurskoersen.