Auteur: Jan-willem Nijkamp Datum: 11-03-2019

One moment in time?

Niet alleen oktober, maar ook maart is een belangrijke maand voor beleggers. Zo zag in de maand maart in het jaar 1983 de voorloper van ‘onze eigen’ AEX het levenslicht; de EOE-index. Op 9 maart 2009, afgelopen weekend exact tien jaar geleden, bereikte de AEX met een slotstand van minder dan 200 punten een dieptepunt. Sinds die tijd is het vertrouwen van beleggers weliswaar nooit helemaal teruggekomen, maar hebben de aandelenkoersen desondanks een stevig herstel doorgemaakt. Hoe langer de opgaande lijn aanhoudt, hoe groter de argwaan lijkt te worden, want het is niet ‘normaal’ dat de koersen zo lang kunnen stijgen. ‘What goes up, must come down’ lijkt een adagium te zijn dat steeds meer opgeld doet.

Er is echter niet zoiets als het ultieme moment, one moment in time. Voor het gemak wordt dan vaak vergeten dat er in deze tien jaar geen sprake is geweest van een rechte lijn omhoog. Natuurlijk, vorig jaar ligt veel beleggers nog (heel) vers in het geheugen, maar 2011 was eveneens een rommelig jaar. Beleggers doen er goed aan zich niet door alle onheilsprofeten van de wijs te laten brengen, maar hun eigen plan te trekken. Iedereen die wat meer ervaren is en al wat langer meeloopt in beleggingsland weet dat beurzen op de lange termijn altijd omhoog tenderen. De grafieken over langere periodes spreken wat dat betreft boekdelen. Alleen wordt de opgaande lijn af en toe ruw verstoord door correcties en hier en daar een crash. Die trekken op hun beurt erg veel aandacht en kunnen de indruk wekken dat beleggen een gevaarlijke aangelegenheid is.

Op korte termijn kan dat zo zijn, maar de geschiedenis leert dat het op de lange termijn altijd weer goed komt. Het is vrijwel onmogelijk om een tijdsbestek van vijftien jaar te vinden waarin een belegger op z’n beleggingen geld zou hebben ingeleverd. Daarbij moet wel de uitdrukkelijke voorwaarde worden gemaakt dat een belegger in indices heeft geïnvesteerd. In het geval van stockpicking kan er natuurlijk wel zo maar een andere realiteit gelden. Hoe vaak zie je niet dat beleggers wel kunnen kopen, maar in de loop van de tijd een volledig uit het lood geslagen portefeuille overhouden omdat verkopen zo veel lastiger blijkt te zijn? Je blindstaren op koersen en hopen op herstel is vaak niet zo’n goed idee. Waar echter nog veel meer de nadruk op moet worden gelegd is of iemand het risico van beleggen in aandelen financieel en emotioneel kan dragen, of het geld voor langere termijn gemist kan worden en of er nog andere middelen voorhanden zijn voor noodgevallen.

Er zou veel meer aandacht moeten zijn voor goede voorlichting voor beleggers die zelf aan de slag willen in plaats te focussen op het nieuws van de dag. Deze week is er weer een stemming over de Brexit en de onderhandelingen tussen China en de Verenigde Staten lijken zich in het eindstadium te bevinden.

Onderzoek wijst weliswaar telkens uit dat vrouwen betere beleggers zijn dan mannen, maar ook zij maken soms verrassende keuzes. Zo kiezen vrouwen vaker voor ‘saaiere’ aandelen en obligaties dan mannen. In de tijd leveren die saaie aandelen veelal een stabiel en houdbaar dividendrendement op en laat dat op de lange termijn nu net goed zijn voor zo’n 60 procent van het rendement…

Wat betreft die obligaties valt wel een kritische kanttekening te plaatsen, want de ene obligatie is de andere niet. Daarom is het belangrijk je niet te snel in de luren te laten leggen door de benaming ‘obligatie’ en het ‘veilige’ gevoel dat dat opwekt. Lang niet alle obligaties zijn zo risicomijdend als ze wellicht op het eerste gezicht lijken. Risicovrij staatspapier met een looptijd van tien jaar uit Nederland en Duitsland levert nu respectievelijk een rendement op van 0,15 en 0,07 procent. Alles daarboven is dus een vorm van risico. Obligaties zijn er in heel veel soorten en maten en de financiële industrie is helaas wel eens iets te creatief wat betreft het verzinnen van nieuwe producten en de markten ervan. Laat je wat dat betreft niet te snel verleiden. Als iets te mooi lijkt om waar te zijn, dan is het dat meestal ook.