Auteur: Jan-willem Nijkamp Datum: 29-10-2019

Rally jaagt de beren het bos in

Nieuwe All Time High

Gisteren zette de belangrijkste graadmeter van de Amerikaanse economie, de S & P 500-index, een nieuwe All Time High neer. Met een stand van 3039 punten staat deze index inmiddels op een rendement van ruim 21 procent dit jaar. In Nederland is de AEX nog niet zo ver. Weliswaar evenaarde de slotstand van 583 punten de eerdere top van deze zomer, maar van een All Time High is nog lang geen sprake. Ooit, in een grijs verleden in het jaar 2000, realiseerde de AEX het onwaarschijnlijke niveau van 703 punten. Maar dat was een andere tijd. Wellicht is het reëler om naar de echte AEX, de AEX-herbeleggingsindex, te kijken. Deze staat met een stand van 2008 punten wel op het hoogste niveau ooit. Herbelegde dividenden maken immers een groot deel van het gerealiseerde rendement uit.

Gefronste wenkbrauwen

Nu worden er de laatste tijd heel wat wenkbrauwen gefronst bij deze hoge beursstanden. De economie vertraagt immers en stevent volgens velen af op een recessie. In dat kader zouden de hoge standen volstrekt irreëel zijn. Een luchtbel is volgens hen in de maak. Beleggers zouden er goed aan doen hun biezen te pakken en de gebeurtenissen verder vanaf de veilige zijlijn te gaan volgen. De winsten lopen terug en de koersen stijgen, met andere woorden, de waarderingen van de aandelen nemen ongezonde proporties aan. Maar is dat wel zo?

Beurzen lopen vooruit

Het is waar dat de economie, mede door het voortslepende handelsconflict tussen de Verenigde Staten en China, aan vaart verliest. Dat is al meer dan een jaar het geval. Bedenk dat vorig jaar om deze tijd om deze reden de beurzen aan een duikvlucht begonnen die pas op de avond voor Kerstmis tot stilstand zou komen. We zijn een jaar verder. Het consumentenvertrouwen is wat afgenomen. De bedrijfsresultaten zitten al drie kwartalen in een dalende trend. De inkoopmanagers van de verwerkende industrie verliezen steeds meer terrein en de detailhandelsverkopen lopen ook terug. Dat is allemaal waar, maar dat is nu precies waar de beurzen een jaar geleden op vooruit liepen. Beurzen lopen immers zo’n zes tot twaalf maanden vooruit op een reële economische gebeurtenis. Zo ook deze keer.

Rally is een voorschot

Want de rally sinds de correctie van augustus lijkt niets minder dan een voorschot op een te verwachten economisch herstel. De enorme draai die de centrale banken van de Verenigde Staten en de Europese Unie dit jaar hebben gemaakt heeft daar sterk aan bijgedragen. Niet alleen kunnen beleggers er rekening mee houden dat de rente nog lang laag zal blijven. Ook hebben de centrale bankiers duidelijk gemaakt niet terug te deinzen voor een nieuwe ronde van opkoopprogramma’s. Inmiddels zijn zowel de ECB als de Federal Reserve daar weer mee aangevangen.

Werkloosheid laag, huizenmarkt sterk

Ondertussen is de werkloosheid – zowel in de Verenigde Staten als in de Europese Unie – historisch laag en is de huizenmarkt booming. Bedenk dat de arbeidsmarkt en de huizenmarkt de twee belangrijkste pijlers van de economie zijn. Zolang die er goed voor staan komt er voorlopig geen recessie. Maar erkende voorlopers zoals de index voor halfgeleiders en de index voor de huizenbouwers begonnen al eerder aan een hernieuwde opmars. De halfgeleiders staan nu op een All Time High, de huizenbouwers naderen dat punt. De koperprijs, die meer zeggingskracht heeft dan 1000 economen bij elkaar, bodemt uit. Allemaal tekenen dat de economie aan het uitbodemen lijkt. Mocht dat inderdaad het geval zijn, dan is er sprake geweest van een midcycle dip, geen recessie.

Aandelen duur?

Zijn aandelen dan niet te duur? Tsja, wat is te duur? Bedenk dat beleggers momenteel aandelen kopen vooruitlopend op hogere winsten in 2020. Niet op basis van wat geweest is. Je koopt immers aandelen om mee te kunnen delen in toekomstige winsten. Winsten uit het verleden zijn al verdeeld. Voor de S & P 500 wordt momenteel 17 keer de verwachte winst van 2020 neergeteld. Dat is iets meer dan het vijf-jaars gemiddelde van 16,6. Niet goedkoop, maar te duur? Bovendien ontvangen beleggers meer dividend op hun aandelen dan rente op tien-jaars staatsleningen.

Waarderingsverschil met de Verenigde Staten verdwenen

En in Nederland? Voor de AEX wordt ook 17 keer de verwachte winst over 2020 neergeteld. Het dividendrendement bedraagt maar liefst 3,87 procent. Je moet heel wat jaren sparen om een dergelijk rendement te kunnen realiseren. Te duur? Opvallend is ook het feit dat de “eeuwige” achterstand in waardering ten opzichte van de Verenigde Staten er niet meer is. Nederlandse aandelen zijn net zo duur als Amerikaanse!

Lage rente

Bij het beoordelen van de waardering wordt steevast over het hoofd gezien dat de inflatie en de rente beiden historisch laag zijn. Even op de achterkant van een bierviltje uitgerekend kun je stellen dat bij een KW van 17 het winstrendement op aandelen (zowel in de Verenigde Staten als in Nederland) 5,88 procent bedraagt. Ter vergelijking, het rendement op een tien-jaars staatslening bedraagt 0,22 procent negatief. Aandelen duur? Eerder kun je stellen dat obligaties zwaar zijn overgewaardeerd en aandelen veel te goedkoop zijn.

Beren het bos ingejaagd

En als die rente gaat stijgen dan? Tsja, dan ontstaat er een heel ander speelveld. Maar in een wereld van vergrijzing, digitalisering en bovenmatig behulpzame centrale banken lijkt het moment waarop de rente weer naar ouderwetse niveaus gaat oplopen nog ver weg. Natuurlijk betekent een en ander niet dat de beurzen in een rechte lijn naar oneindige hoogten zullen oplopen. Daarvoor is de wereld te onrustig. Er is iedere keer wel wat. Daarom blijven beleggers juist steeds op hun hoede. En dat is nu net de reden waarom zich voorlopig geen luchtbellen vormen op de beurs. Daarvoor is het wantrouwen te groot. Zolang er maar genoeg beren zijn blijft de rally gezond. Wanneer de beren allemaal het bos zijn ingejaagd wordt het pas echt oppassen geblazen.