Auteur: Martine Hafkamp Datum: 15-07-2019

Vlucht naar 'veiligheid'

Beleggers blijven onzeker. Niet alleen de ECB, maar ook de Federal Reserve en andere centrale banken hebben al laten weten desgewenst alles uit de kast te zullen halen als dat nodig is om de economische groei een steuntje in de rug te geven. De Chinese centrale bank is net zoals de Russische en de Braziliaanse bijvoorbeeld eveneens bereid de rente te verlagen terwijl de centrale banken van India en Australië dat al hebben gedaan. Zo blijft voor beleggers de redding steeds nabij in de vorm van zowel een mogelijke renteverlaging als in de vorm van een opkoopprogramma van bijvoorbeeld staatsobligaties.

Gezien de aan de zekerheid grenzende waarschijnlijkheid van een verdere renteverlaging van in ieder geval de Federal Reserve, zijn beleggers in obligatieland op zoek naar rendement. In die vaart der volkeren stijgt de hoeveelheid obligaties met een negatieve yield. De grens van 13 biljoen dollar is al ruim overschreden en we tellen gestaag door. Ten opzichte van december vorig jaar is dit bedrag verdubbeld. Amerikaanse staatsobligaties weten deze dans tot op heden (nog) te ontspringen.

Inmiddels beperkt de negatieve rente zich niet langer tot staatsobligaties en bedrijfsobligaties met de status ‘zeer kredietwaardig’. Nee, er handelt zelfs al een aantal junk bonds op een negatief rendement. Dat betekent dat beleggers bereid zijn geld te betalen om ondernemingen met een, volgens de kredietbeoordelaars, aanzienlijk faillissementsrisico te financieren. Het lijkt erop dat door het uiterst accommoderende beleid van centrale bankiers en een inflatie die maar niet wil oplopen obligatiebeleggers steeds meer de keuze (moeten) maken over hoe ze zo min mogelijk geld zullen verliezen. Europese beleggers kiezen daar mede voor tegen de achtergrond van de wereldwijde handelsperikelen en de onzekerheid over hoe een mogelijke Brexit vorm moet krijgen. Bij Fintessa houden wij ons verre van dit soort speculaties. (Bedrijfs)obligaties zijn bedoeld als veiligheid binnen een goed gespreide beleggingsportefeuille. Gezien met de huidige marktomstandigheden de risico’s niet opwegen tegen het potentiële rendement handhaven wij voor onze cliënten obligaties binnen de verschillende risicoprofielen.

Koopjesjacht bij Amazon

Wie wel op jacht naar speciale koopjes gaan vandaag en morgen zijn de klanten van Amazon met een Prime-account. In de Verenigde Staten bestaat dit fenomeen al langer en vorig jaar werd het voor het eerst in Nederland en België georganiseerd. Dit jaar pakt Amazon het zowel in de Verenigde Staten als ook hier grootser aan. Het festival is verlengd naar twee volle dagen. Dat is een halve dag langer dan vorig jaar. De verwachtingen van analisten zijn hooggespannen. Zij verwachten dat Amazon deze twee dagen ongeveer voor 5,8-6,1 miljard dollar aan omzet zal genereren. Dat laatste bedrag zou een toename betekenen van zo’n 30 procent ten opzichte van vorig jaar. In hun poging zichzelf op de kaart te zetten bij zowel ons als onze zuiderburen zou de aangekondigde staking bij Amazon Duitsland tijdens Prime Day voor een kleine kink in de kabel kunnen zorgen. Of het echt impact zal hebben is nog maar de vraag. Amazon omzeilt al tijden de druk van de Duitse vakbonden om de salarissen te verhogen door werkzaamheden te verplaatsen naar andere Europese landen.

De levertjjd van Prime was twee dagen, maar is eerder dit jaar voor Amerikaanse consumenten al teruggebracht naar één dag. Dat lijkt misschien geen ‘big deal’, maar een van de belangrijkste redenen om naar een ‘echte’ winkel te gaan is dat je een product direct nodig hebt. Dus, hoe sneller Amazon kan leveren, hoe minder consumenten de behoefte hebben naar een fysieke winkel te gaan en hoe meer Amazon kan verkopen. Daarbij gaat de ‘cost voor de baet’. In het tweede kwartaal kostte het de grootste online retailer naar verwachting zo’n 800 miljoen dollar extra. Ter illustratie: de wereldwijde vervoerskosten over het eerste kwartaal bedroegen 7,32 miljard.