Datum: 08-11-2021

Bemoedigende signalen

De groei van de Amerikaanse economie zakte fors in naar een schamele 2 procent over het afgelopen kwartaal. Door de oplopende kosten voor grondstoffen, energie, vervoer en personeel vrezen beleggers dat de inflatie minder tijdelijk is dan aanvankelijk gedacht. In dat geval zal de inflatie ervoor zorgen dat centrale bankiers de rente eerder zullen/moeten verhogen dan aanvankelijk was voorzien. Een hogere rente en een lagere economische groei, het leidde tot een afvlakking van de rentecurve. Het zou beleggers toch een beetje angst moeten aanjagen.

Rally komt niet uit de lucht vallen

Niets is echter minder waar. De bedrijfsresultaten die tot op heden gepubliceerd werden blijken, ondanks de bovengenoemde tegenvallers, behoorlijk beter dan verwacht. Zolang de resultaten de toch al niet kinderachtige taxaties fors overtreffen kun je moeilijk stellen dat een rally op de beurzen uit de lucht komt vallen.

Tel daarbij op dat de Fed afgelopen week heel voorspelbaar bleef. Niets is lekkerder voor beleggers dan een centrale bank die doet wat ze zegt. De Fed maakte bekend dat men de rente ongewijzigd laat en het nog deze maand zal starten met het afbouwen van het vorig jaar gelanceerde steunprogramma om de financiële markten door de coronacrisis te loodsen.

Economie sterk genoeg

De economie is inmiddels sterk genoeg om op eigen benen te kunnen staan. Als de omstandigheden gelijk blijven aan de huidige stand van zaken, dan zal in de zomer van 2022 het steunprogramma volledig afgebouwd zijn. Tijdens persconferentie over het besluit gaf Fed-voorzitter Jerome Powell aan dat daarna niet gelijk de rente omhoog zal gaan. 'Daarvoor ligt de lat hoger', aldus de president van de Fed. Ook gaf hij aan dat er tijdens de vergadering door de beleidsbepalers niet gesproken was over het verhogen van de rente.

Inflatie 'grotendeels' tijdelijk

Powell gaf tijdens de persconferentie opnieuw aan dat de Fed nog steeds van mening is dat de oplopende inflatie tijdelijk is. Althans, 'grotendeels', wat een nieuwe toevoeging is aan het standpunt. Want ja, de inflatie is in de Verenigde Staten al vijf maanden hoger dan 5 procent. Dat is zeker iets waar de markten zich bij tijd en wijle zorgen over maken, zeker nu het de kosten voor olie, aardgas en steenkool zijn die zo fors zijn opgelopen.

De Amerikaanse centrale bank lijkt echter niet op korte termijn onder druk vanuit de markt te gaan bezwijken. Zodra de economie weer volledig open is en de logistieke verstoringen verholpen zijn, zal de inflatie naar mening van de Fed weer naar zo’n 2 procent dalen. Tweede ronde-effecten (loonstijgingen) ziet Powell nog niet, momenteel lopen de loonstijgingen in pas met de inflatie.

Powell wil niet te vroeg op de rem trappen

Powell zal ongetwijfeld gekeken hebben naar het verleden. De Fed, inclusief hijzelf, heeft namelijk vaak de fout gemaakt te vroeg op de rem te trappen met stevige correcties op de beurzen tot gevolg. Powell en de zijnen lijken zich hiervan bewust te zijn en nemen daarom vooralsnog een afwachtende houding aan. Bovendien zijn veel leden van het beleidsbepalende comité nogal 'dovish' en zijn er net twee 'haviken' vanwege ongewenste handel in eigen aandelen vertrokken.

En hoe zit het met de vrees voor de opgelopen vervoerskosten? Nou, sinds begin vorige maand is de Baltic Dry index, de belangrijkste graadmeter voor tarieven van de bulkscheepvaart, met zo’n 50 procent gedaald. Inderdaad, dat was juist in de periode dat de aandelenkoersen weer opliepen.

Kink in de aanvoerketen iets minder knellend

Ook de WCI Composite Freight Benchmark daalde in deze periode met een kleine 10 procent. Met dat in het achterhoofd is het niet vreemd dat juist de consumentengoederensector het in deze periode beter deed. Producenten en detaillisten kunnen hun producten blijkbaar weer tegen iets lagere kosten vervoeren. De kink in de aanvoerketen lijkt iets minder knellend te worden. Als kosten minder drukken, hoeven producenten ze ook minder door te berekenen.

Tenslotte zijn we net begonnen aan wat historisch één van de beste maanden van het jaar voor de beurs is. In de afgelopen honderd jaar bedroeg het rendement over de maand november gemiddeld 1,28 procent. Daarmee is november na juli, december en april de vierde beste beleggingsmaand.

Bemoedigende signalen

Dat gaat helemaal op wanneer de tien maanden die eraan vooraf gingen een mooie opgaande lijn lieten zien. In de negen keer dat de beurs eind oktober met meer dan 15 procent was gestegen liep de index vervolgens met 1,97 procent op in november. Van die negen keer eindigde november maar eenmaal in een verlies. Het zijn weliswaar statistieken, maar toch. Het zijn in ieder geval wel bemoedigende signalen.