Columns
Washington speelt met de rente, ...
Washington grijpt naar trucs om de rente kunstmatig laag te houden.
Datum: 03-06-2024
Nu de bedrijfsresultaten achter hen liggen kunnen beleggers zich weer druk maken over het rentebeleid van de centrale banken. Dat doen ze dan ook volop.
De ECB zal de rente deze week naar verwachting verlagen. De Amerikaanse Fed is nog niet zover. Van de begin dit jaar in geprijsde zes tot zeven renteverlagingen door de Fed zijn er nog maar één tot twee over.
Dat wordt weerspiegeld in de rente op tweejaars staatsleningen in de Verenigde Staten. Deze beweegt zich inmiddels weer rond 5 procent. Begin dit jaar bedroeg dezelfde rente nog 4,2 procent. Door hun looptijd zijn deze obligaties een goede afspiegeling van de huidige renteverwachting.
Jerome Powell heeft aangegeven z’n beleid te baseren op inkomende economische data. Daarom volgen beleggers de macro-economische cijfers nauwgezet. Beter dan verwachte cijfers zorgen ervoor dat de rente stijgt, minder dan verwachte cijfers doen de rente dalen. Deze bewegingen kunnen zomaar voortduren tot het volgende kwartaalcijferseizoen losbarst. Het korte termijn-rentebeleid is echter niet de enige zaak die de markten in beweging kan zetten. Er speelt meer.
Zo besloot de Fed begin mei om het programma om de balans af te bouwen te vertragen. Op hetzelfde moment maakte het Amerikaanse Ministerie van Financiën bekend dat het eigen obligaties op gaat kopen. Beleggers zijn gewend aan bedrijven die hun eigen aandelen opkopen. Maar een overheid die eigen obligaties terugkoopt?
Dat is overigens niet nieuw. Het werd eerder gedaan in de jaren 20 van de vorige eeuw en recent nog, in 2002. De eerste terugkoop is inmiddels een feit.
Beide programma’s hebben hetzelfde doel: het verbeteren van de veerkracht en de liquiditeit van de Amerikaanse obligatiemarkt. ’s Werelds grootste en meest liquide beleggingsmarkt blijkt niet langer zonder een helpende hand te kunnen. Dat heeft alles te maken met de enorme omvang van de Amerikaanse staatsschuld. Die is de afgelopen decennia tot ongekende proporties opgelopen. De schuld heeft een omvang bereikt van ruim 34.000 miljard dollar. Dat is 122 procent van het BNP en 103.000 dollar per hoofd van de bevolking.
Ondanks de economische groei hebben de Verenigde Staten momenteel een begrotingstekort van 7,5 procent van het BNP. Dat is ruim 1.000 miljard dollar. De schuld was altijd al groot, maar de laatste twee presidenten hebben de turbo er flink op gezet. Daarom heeft de Amerikaanse financiële wereld een aversie tegen beide presidentskandidaten. Men houdt, wat de uitslag van de verkiezingen ook mag worden, z’n hart vast.
Een briljant konijn
Deze staatsschuld was een paar jaar geleden nog niet zo’n probleem, omdat de rente historisch laag was. Dat is na de serie renteverhogingen van de Fed echter anders geworden. De rentelast is tegenwoordig de grootste begrotingspost.
Het geeft eens te meer aan in wat voor moeilijke positie de Fed is beland. Enerzijds worden de centrale bankiers geacht de inflatie te bestrijden. Maar anderzijds draaien zij met de daarmee gepaard gaande hogere rente uiteindelijk de Amerikaanse economie de nek om. De Fed hoopt daarom vast van ganser harte dat de inflatie eindelijk eens daalt. Daardoor zou de ruimte ontstaan de rente te verlagen.
Maar ook het Ministerie van Financiën tovert een konijn uit de hoge hoed. Men was de uitgifte van langlopende staatsleningen al flink aan het afbouwen ten faveure van kortlopende T-Bills. Daarmee werd de druk op de markt verlicht en hoefde de rente op langlopende staatsleningen niet al te stevig op te lopen. Nu is men dus overgegaan tot het opkopen van eigen obligaties.
De staat gebruikt de opbrengst van nieuwe obligaties om oudere, vooral minder liquide, obligaties terug te kopen. Veel van deze leningen staan onder pari en daarmee realiseert het Ministerie feitelijk een rentevoordeel. Bovendien wordt de markt meer liquide. Op korte termijn is het een briljante oplossing. Op de lange(re) termijn verdwijnt de staatsschuld natuurlijk niet.