Datum: 07-06-2021

Soevereiniteit heeft een prijs

Een kleine twee weken geleden brak de Zwitserse regering de onderhandelingen over een nieuwe samenwerkingsovereenkomst met de Europese Unie af. Beide partijen waren al zeven jaar in gesprek om een zogenaamde raamwerkovereenkomst te sluiten. De Europese Commissie betreurt het besluit van de Zwitsers. De lopende afspraken worden niet langer gemoderniseerd en komen in sommige gevallen te vervallen. 

Het eerste concrete gevolg hiervan is de weigering door de Europese Unie om nog langer Zwitserse medische apparatuur te erkennen. Zwitserland exporteert jaarlijks voor ruim 5,5 miljard euro aan beademingsapparaten, tandboren en scanners naar de Europese Unie. Medische apparatuur voor de behandeling van coronapatiënten kan niet langer meer de grens over. 

Traditie van neutraliteit

Zwitserland heeft een eeuwenoude traditie van neutraliteit. De aversie tegen het aangaan van verplichtingen die de autonomie beperken zit de Zwitsers in de genen. De neutraliteit die in beide wereldoorlogen werd gehuldigd is daar een voorbeeld van. Toch dienden de Zwitsers in 1992 een verzoek tot lidmaatschap van de Europese Unie in. De Zwitserse bevolking wees een lidmaatschap van de minder ver gaande Europese Economische Ruimte vervolgens per referendum af. 

Handel met EU belangrijk

Voor Zwitserland is de handel met de Europese Unie echter heel belangrijk. De Europese Unie is goed voor 51 procent van de Zwitserse export en 69 procent van hun import. Net zoals landen als Noorwegen en IJsland heeft Zwitserland daarom in het verleden besloten wel mee te doen op de Europese interne markt. Het land neemt de wetgeving van de Europese Unie over en betaalt een symbolisch bedrag voor structuurfondsen voor arme regio’s. Zwitserland heeft daarvoor ruim 120 aparte akkoorden met Brussel gesloten. Daarin worden, per sector, markttoegang en overname van wetgeving geregeld. Hoewel Zwitserland officieel dus geen lid is van de Europese Unie komt dat er in de dagelijkse realiteit wel zo’n beetje op neer.

Kaderovereenkomst

De gesloten akkoorden moesten voortdurend worden aangepast om innovatie en andere wijzigingen bij te houden. Hierover werd continu door Brussel en Bern onderhandeld. Omdat dat heel tijdrovend is werd er in 2014 besloten een kaderovereenkomst in het leven te roepen die de 120 bilaterale overeenkomsten zou kunnen vervangen. Dit gebeurde tegen de achtergrond van de inmiddels lopende onderhandelingen met de Britten over de Brexit. De Europese Unie wilde de één niet onthouden wat het aan de ander gaf. In 2018 lag die raamwerkovereenkomst tussen Zwitserland en de Europese Unie eindelijk op tafel.

Soevereiniteit heeft een prijs

De Zwitserse regering besloot na lang dralen deze overeenkomst toch maar niet te ondertekenen. De Zwitsers hebben bezwaren tegen drie onderdelen ervan, te weten de Europese regels over staatsteun, de toegang van werknemers uit de Europese Unie tot het Zwitserse sociale stelsel en tenslotte de beperkte mogelijkheden om maatregelen te treffen tegen immigranten die bereid zijn om tegen lagere lonen te werken.

Soevereiniteit is voor de Zwitsers belangrijker dan de prijs ervoor. Hoewel een peiling uitwees dat 64 procent van de Zwitserse bevolking met deze raamovereenkomst kan leven heeft de regering dus anders besloten. 

Brussel wil consequenties laten voelen

De bestaande bilaterale verdragen blijven wel van kracht. Hoewel de Zwitserse regering de politieke dialoog wil openhouden, is de Europese minder happig. Brussel wil de Zwitsers de consequenties van hun besluit laten voelen. De bestaande verdragen zullen geleidelijk hun waarde verliezen. De medische apparatuur die niet langer de grens met de Europese Unie over kan is het eerste voorbeeld.

Europese aandelen die niet meer verhandeld kunnen worden via Zwitserse beurzen en omgekeerd een ander. Meer gevolgen zullen na verloop van tijd duidelijk worden. De Europese Unie is met de Britten haar belangrijkste handelspartner al kwijt. Zwitserland ook verliezen maakt het er allemaal niet beter op, vooral voor de Zwitsers zelf. Eén van de rijkste landen ter wereld wordt zo een beetje minder rijk.